Sabena: 10 jaar later

Het Laatste Nieuws (Regio) 24 september 2011 Wouter Hertogs uncut!

 

1. Hoe ging Sabena failliet?

Op 7 november is het tien jaar geleden dat onze nationale luchtvaartmaatschappij Sabena op 78-jarige leeftijd failliet ging. De impact van het bankroet was in binnen- en buitenland voelbaar. Duizenden mensen stonden eensklaps op straat en de gevolgen blijven tot de dag van vandaag aanwezig. Frappant is vandaag vooral het verschil tussen de toestand waarin de bestuursleden en andere toplui zich momenteel bevinden –velen onder hen bekleden nog steeds lucratieve posten bij grote bedrijven, of genieten van een rijkelijk pensioen- in vergelijking met het lot van de échte slachtoffers van het faillissement: de piloten, het grondpersoneel, de poetsdienst, het vrachtpersoneel, familieleden van hen, gepensioneerden die hun pensioen zagen wegkrimpen door het faillissement etc. Voor elk van hen is het belangrijk dat de verantwoordelijken voor het faillissement zich hun daden en beslissingen moeten verklaren voor een rechter.

Hoe is het zo ver kunnen komen met onze nationale luchtvaarttrots? Sabena stond erom bekend dat het altijd vooruitstrevend was op het vlak van technologie. Jammer genoeg kan hetzelfde gezegd worden op het vlak van financiële problemen. Vanaf de jaren 70 was het een komen en gaan van crisissen en al dan niet gelukte reddingspogingen. Het echte begin van het einde bleek achteraf echter het huwelijk met Swissair te zijn. Aangezien Sabena door de Europese Commissie niet meer mocht gered worden door overheidsfinanciering was de laatste reddingsboei het samengaan met de –naar men toen dacht- gezonde Zwitserse luchtvaartmaatschappij. Een geslaagd huwelijk werd het echter nooit. Swissair kreeg steeds meer vat op Sabena tot er zelfs een Zwitser aan het hoofd kwam te staan, Paul Reutlinger. De aankoop van 34 airbussen zou achteraf de doodsteek blijken, al is het lang niet het enige voorbeeld van het leegzuigen door Swissair. Zoveel vliegtuigen aankopen was veel te hoog gegrepen, ook al was het idee erachter-de vloot harmoniseren door te kiezen voor 1 merk en zo weinig mogelijk types- niet slecht. Deze aankoop blijkt nu de doodsteek geweest te zijn van Sabena, zonder evenwel blind te blijven voor de vele financiële problemen die er de decennia voorheen reeds waren en de onverkwikkelijke financiële transacties die er gebeurden binnen het bedrijf. Hierbij kunnen ook vragen gesteld worden over de rol van de Belgische overheid binnen heel dit verhaal. Waarom trad ze nooit harder op tegen Swissair? Waarom werd er niet naar de rechter gegaan toen bleek dat Swissair zijn belofte om hoofdaandeelhouder niet kon inwilligen, zoals Frankrijk wel deed in een gelijkaardige zaak?

De aanslagen van 11 september zorgden voor een grote malaise binnen de luchtvaartwereld maar bij Sabena was het kwaad al geschied. Hoogstens kan gesteld worden dat 9/11 het failliet van Sabena versnelde. In volgende paragrafen trachten we een reconstructie te geven van wie er zich mogelijk zal moeten verantwoorden voor de correctionele rechtbank en waarom net zij dit moeten doen.

2. Waarom duurde dit onderzoek 10 jaar?

Op 25 oktober 2001, zelfs al voor het faillissement van Sabena, werd door 2 Sabena-werknemers, Maria Vindevoghel en Patrick Wilputte een klacht met burgerlijke partijstelling ingediend bij onderzoeksrechter Van Aelst in Brussel. Deze klacht was oorspronkelijk gebaseerd op het bestraffen van het zogenaamde frauduleus faillissement. In de loop der jaren hebben vele ex-werknemers van Sabena zich achter deze klacht geschaard. Doordat er zoveel klachten met burgerlijke partijstelling werden ingediend duurde dit onderzoek zo lang. Daarnaast ging het vanzelfsprekend ook om een zeer complex dossier, waarbij goed bewaarde zwarte kassen moesten opgespoord worden en de exacte rol van iedereen moest uitgemaakt worden. Wat het onderzoek nog trager deed verlopen is dat de onderzoeksrechter slechts over beperkte middelen en mogelijkheden beschikte om een diepgaand onderzoek naar alle financiële malversaties te voeren. Ook het feit dat Swissair alle verantwoordelijkheid afschuift op de Belgische bestuursleden (‘zij moesten de beslissingen nemen’) terwijl de Belgische toplui hetzelfde doen (‘Wij waren slechts stromannen van de Zwitsers’) bemoeilijkte het onderzoek. Een jammere zaak, aangezien de duur van dit onderzoek van cruciaal belang is inzake de vervolging. (zie 4.)

3. Wie zijn de beklaagden?

1. REUTLINGER Paul 


Laatste gedelegeerd bestuurder (baas) van Sabena. Hij was midden jaren 90 één van de figuren die actief meehielpen aan de instap van Swissair in Sabena. Hierdoor werd hij 1 van de 5 Zwitserse leden in de raad van bestuur van Sabena. Hij volgde in 1996 Pierre Godfroid op als CEO. Zorgde oorspronkelijk voor sociale vrede en hoop op beterschap na de woelige periode met Pierre Godfroid. Hij zag het groots en zorgde de eerste jaren voor opvallende veranderingen zoals nieuwe uniformen en nieuwe bestemmingen. Zijn megalomane ideeën betekenden echter het begin van het einde voor Sabena

Zijn rol in het faillissement: Zou onverantwoorde uitgaven gedaan hebben. Ook zijn rol in de aankoop van de 34 airbussen is sterk gecontesteerd. Voor de parlementaire onderzoekscommissie hield hij steeds zijn onschuld staande. “Ik heb fouten gemaakt zoals iedereen, maar elke beslissing werd weloverwogen en vaak met unanimiteit binnen de raad van bestuur genomen”, stelde hij daar. Behoorde oorspronkelijk tot de lijst van 10 personen die voor de raadkamer moest verschijnen maar overleed op 17 juni 2010.

2. Du BOIS de BOUNAM de RYCKHOLT Patrick


Laatste secretaris-generaal van Sabena. Daarnaast bestuurder van Sabbel, een offshore-filiaal dat officieel instond ter verzekering van niet-luchtvaartgebonden risico’s maar eigenlijk bedoeld was ter verzekering van een hotel in Rwanda dat eigendom was van Sabena. Naar dit filiaal werd tussen 1995 en 1999 miljoenen euro’s gestort, waarmee uiteindelijk de leden van het directiecomité in het zwart betaald werden. Momenteel bestuurder van het aartsbisdom Mechelen-Brussel.

Zijn rol: Zou in het zwart uitbetaald zijn door Sabena. Stapte kort voor het faillissement op met een ‘zwarte’ premie van 400000 euro op zak. Hijzelf heeft steeds zijn rol in deze frauduleuze praktijken ontkend.

3. KLYNVELD PEAT MARWYCK GOERDELER (KPMG)


Bekendste en beruchtste revisorenbureau van ons land. Moest zich ook al verantwoorden in het Lernout en Hauspie-proces, waar ze informatie zou hebben gemanipuleerd, achtergehouden of opgeblazen om de boekhouding op te smukken. Werd hiervoor wel vrijgesproken door het hof van beroep van Gent.

Hun rol: onvoldoende toezicht op de financiën, aandeelhouders niet voldoende gewaarschuwd bij de aankoop van 34 airbussen.

4. GODEFROID Pierre


Gedelegeerd bestuurder van 1990 tot 1996, waarna hij werd opgevolgd door Paul Reutlinger. Sloot in 1995 het akkoord met Swissair. Zijn periode als baas van Sabena werd gekenmerkt door een grote sociale onrust met veel stakingen. Wilde het statuut van de werknemers veranderen onder het mom van besparingen. Na het faillissement van Sabena nog voorzitter van de Belgische voedingsgroep Vandemoortele tot juli 2004. Nu al enkele jaren op pensioen.

Zijn rol: Kreeg een gouden handdruk van maar liefst 800000 euro in het zwart uitbetaald bij zijn vertrek. Zou in 1995 een betalingssysteem opgezet hebben in Luxemburg waarbij Sabena-directieleden hun salaris konden aanvullen door een levensverzekering aan te gaan bij Axa-Luxemburg. Zou ook geprofiteerd hebben van het Sabbel-systeem. Opvallend aangezien net hij de drijvende kracht was achter de besparingsdruk waarvan zijn personeel het slachtoffer was.

5. GHYSSAERT Jan

Secretaris-generaal, werd opgevolgd door Patrick Du Bois. Daarnaast bestuurder van Sabbel.

Zijn rol: Zou in het zwart uitbetaald zijn via Sabbel en het andere betalingssysteem. Bij zijn vertrek kreeg hij een ontslagpremie van meer dan 250000 euro in het zwart uitbetaald.

6. PALERMO Claude


Gewezen personeelsdirecteur

Zijn rol: Zou uitbetaald zijn in het zwart via de betalingssystemen.

7. DAENINCK Géry


Gewezen operationeel directeur

Zijn rol: Zou uitbetaald zijn in het zwart via de betalingssystemen.

8. WITTERS Hilda ( = Mme Bury)


Gewezen Personeelsdirecteur, volgde Palermo op

Haar rol: Ook zij kreeg een ontslagpremie van 750000 euro in het zwart uitbetaald. Zou daarnaast ook in het zwart uitbetaald zijn via de betalingssystemen.

9. AXA VERZEKERINGEN Luxembourg


Hun rol: zouden zwarte bonussen uitbetaald hebben aan toplui van Sabena. Zeer actieve rol in de constructies (o.a. Sabbel) bij de Bermuda-eilanden.

10. BERGER Pierre

Topman bij revisorenbureau KPMG.

Zijn rol: wordt ervan verdacht actief meegeholpen te hebben bij het faillissement. Meer bepaald zou hij de befaamde aankoop van 34 airbussen ‘mooigepraat’ hebben bij de aandeelhouders. Zou veel te laks toezicht gehouden hebben op de financiën van Sabena en de aandeelhouders onvoldoende gewaarschuwd hebben.

4. Hoeveel kans lopen ze nog om veroordeeld te worden?

Het is moeilijk om op deze vraag nu al een sluitend antwoord te geven. In de eerste plaats zal de raadkamer moeten beslissen of ze voor de correctionele rechtbank moeten verschijnen. Indien dit gebeurt meten ze nog veroordeeld worden door deze rechtbank. Wel zijn er enkele elementen die aanduiden dat het niet makkelijk zal worden om hen effectief te veroordelen door de correctionele rechtbank.

In de eerste plaats zullen de advocaten van de verdediging inspelen op de redelijke termijn. Het onderzoek duurde 10 jaar en vooraleer er ook effectief een veroordeling komt zal er nog enige tijd verlopen zijn. Dit hoeft echter geen beletsel zijn op strafvervolging aangezien bij het bepalen van een ‘redelijke termijn’ moet gekeken worden naar de omstandigheden en de complexiteit van de zaak (waarbij het hier gaat om een zeer complex dossier), het gedrag van de betrokken personen (vertraagden de beklaagden de zaak?), het gedrag van de overheid en de inzet van het geschil (gaat het om erge misdrijven?)

Daarnaast is er in dit dossier sprake van een ‘David tegen Goliath’-situatie. Waar er voor de burgerlijke partijen 2 advocaten pleiten komen ze reeds voor de raadkamer al tegenover een waar leger van een twintigtal topadvocaten te staan.

Dit wilt allerminst zeggen dat er geen enkele kans is dat ze zich zullen moeten verantwoorden voor de rechtbank. Wel is het zo dat de verschijning voor de raadkamer allesbehalve een zekere doorgang naar de correctionele rechtbank is.

5. Zijn er burgerlijke partijen?

In de eerste plaats is er de klacht van het ‘comité van de klacht van 30 miljard’ die ingediend werd door Maria Vindevoghel en Patrick Wilputte. Hierbij hebben 100en werknemers zich aangesloten.

Daarnaast zijn er de piloten, het vliegend personeel en –opvallend- de gepensioneerden. Ook deze laatsten waren immers slachtoffers van het faillissement aangezien hun pensioen fel ingekrompen werd hierdoor.

6. Groep 1 van de bezwarende feiten

In de eerste plaats gaat het om grootscheepse sociale en fiscale fraude waardoor de toplui van Sabena zich onrechtmatig verrijkt zouden hebben. In de eerste plaats gaat het hier om de vele bonussen die ze tussen 1992 en 1997 in het zwart opstreken via de zwarte kas die via offshore constructies (zoals bijvoorbeeld Sabbel Insurance Ltd.) verborgen zat op de Bermuda-eilanden. Deze betalingen gebeurden met hulp van de bank Axa-Luxemburg. De kaderleden zouden op deze manier miljoenen aan premies hebben opgestreken, zonder ook maar één cent te moeten afgeven aan de fiscus In 1997 maakten de nieuwe Zwitserse mensen een einde aan deze praktijken, wat volgens de banken er de oorzaak van zou zijn dat de Belgische topmensen zich nadien nooit verzet hebben tegen het leeghalen van Sabena door Swissair. Daarnaast zou er sinds 1995 nog een ander betalingssysteem bestaan hebben waarbij de Sabena-bestuursleden hun salaris konden aanvullen door het nemen van een levensverzekering bij Axa-Luxemburg.
Tenslotte zou de Sabena-top zichzelf in het zwart zo’n 6 miljoen euro aan vertrekpremies hebben uitbetaald. Een 20-tal directeurs zouden bedragen tussen de 250000 euro en 1 miljoen euro uitbetaald gekregen hebben. De bedragen van deze premies konden niet teruggevonden worden in de boekhouding omdat ze als het ware verborgen werden in aparte documenten.

7. Groep 2 van de bezwarende feiten

Het tweede luik waarvoor ze het risico lopen naar de correctionele rechtbank verwezen is de beruchte aankoop van 34 airbustoestellen in 1997, die de doodsteek voor de luchtvaartmaatschappij betekende. Dit is een voorbeeld van de manier waarop Swissair Sabena als het ware uitmolk. Deze aankoop werd immers genomen onder druk van Swissair maar was moeilijk te begrijpen aangezien Sabena maar de helft van dit aantal nieuwe toestellen nodig had. Hierbij wordt de bestuurders, kaderleden en commissarissen verweten dat ze tegen het belang van de onderneming gehandeld hebben, omdat ze zelf financiële voordelen bekomen hebben. De financiering van deze bestelling zou ook allesbehalve koosjer verlopen zijn. Meer bepaald zouden er vennootschappen in Ierland opgericht zijn met als enige doel geld door te sluizen. In de jaarrekening werden deze ergens teruggevonden. Toch is het fout om enkel te focussen op de megalomane aankoop van dat aantal airbussen. Het is hét typevoorbeeld van het leegzuigen door Swissair van Sabena maar men mag niet de hele resem andere voorbeelden uit het oog verliezen waarbij filialen van Swissair zich verrijkten ten koste van Sabena. Denk maar aan de verplichting voor Sabena om de grondbehandeling van de vliegtuigen te laten uitvoeren door Swissair-dochters waardoor Sabena 23% meer betaalde dan andere maatschappijen, los van de enorme vertragingen-en dito geldverlies die er waren door het verlenen van voorrang aan de Zwitsers. Of denk aan de cateringkosten die op 1 jaar plots verviervoudigden (!) daar waar er slechts een passagiersstijging van 11% was. Oorzaak: Sabena gebruikte de Gate gourmet diensten in het buitenland, die dan weer deel uitmaakten van…Swissair. Tenslotte nog eentje om het af te leren: Sabena huurde onder invloed van Swissair 2 langeafstandsvliegtuigen van Citybird voor 1 miljoen dollar per maand, daar waar de gewone huurprijs 650000 dollar is. Ondertussen stonden er 2 eigen langeafstandsvliegtuigen werkloos op de grond….

8. Wat is het verdere verloop van de procedure?

Onderzoeksrechter Van Espen is belast geweest met het onderzoek naar het faillissement van Sabena. Nadat zijn onderzoek afgerond was heeft hij het doorgegeven aan de procureur des konings, die op 30 juni 2009 aan de raadkamer gevraagd heeft om de 9 hierboven vermelde personen naar de correctionele rechtbank door te sturen. Maandag 19 september is de raadkamer begonnen met een reeks zittingen die de hele maand september nog zullen duren. Hierbij zal de raadkamer moeten uitmaken welke personen ook werkelijk voor de correctionele rechtbank zullen moeten verschijnen, kortom of er ook daadwerkelijk een Sabenaproces zal plaatsvinden. Over het verloop van deze zittingen zal u op de hoogte gehouden worden de volgende weken.